Voor het eerst op bezoek bij een bedrijf? Zo lees je de veiligheidsborden
Een sollicitatiegesprek bij een productiebedrijf, een afspraak met een leverancier in zijn magazijn of een rondleiding tijdens een open dag: vroeg of laat stap je een bedrijfspand binnen waar je de weg nog niet kent. Vaak hangt er al bij de ingang een rij borden met rondjes, driehoeken en vierkantjes. De meeste mensen herkennen er een paar, zoals het rookverbod, maar weten niet precies wat de rest betekent. Dat is jammer, want wie het systeem eenmaal doorheeft, kan elk bord in een paar seconden lezen.
Eén taal voor de hele wereld
Veiligheidsborden zijn geen vrije creatie van een bedrijf. De meeste pictogrammen komen uit de internationale norm ISO 7010. Die norm werd in 2012 ook als Europese norm aangenomen en heet in Nederland NEN-EN-ISO 7010. De Nederlandse norm NEN 3011 verwijst voor de meeste veiligheidstekens naar ISO 7010 en vult die op een aantal punten aan. Het grote voordeel is dat een bord in een fabriek in Twente hetzelfde betekent als in een distributiecentrum in Duitsland of een haven in Spanje.
Werkgevers hangen die borden niet op voor de sier. Het Arbobesluit verplicht hen te zorgen voor doeltreffende veiligheids- of gezondheidssignalering wanneer de gevaren op de werkplek of van een machine daar aanleiding toe geven. Borden zijn daarbij een aanvulling: eerst moet een bedrijf risico’s zo veel mogelijk wegnemen, en wat overblijft maak je zichtbaar.
Vorm en kleur vertellen het meeste
Je hoeft niet elk symbool uit je hoofd te kennen. Vorm en kleur verraden al welke soort boodschap een bord heeft. Een rode cirkel met een schuine streep is een verbod: hier mag iets niet, zoals roken of naar binnen gaan zonder toestemming. Een blauwe cirkel is een gebod: hier moet je iets, bijvoorbeeld een helm dragen of veiligheidsschoenen aantrekken. Een gele driehoek met zwarte rand waarschuwt voor een gevaar. Een groen vierkant of een groene rechthoek wijst naar veiligheid, zoals een nooduitgang, een verbandtrommel of een verzamelplaats. Een rood vierkant ten slotte geeft aan waar brandbestrijdingsmiddelen hangen, zoals een blusser of een brandslang.
Elk pictogram heeft binnen de norm ook een eigen code. De letter staat voor de groep: P voor verbod, M voor gebod, W voor waarschuwing, E voor nood en redding en F voor brand. Wie wil zien hoe groot die familie is, vindt in een overzicht van alle veiligheidspictogrammen met hun betekenis ook de minder bekende tekens, zoals die voor gevaarlijke stoffen.
Wat de borden bij de ingang van jou vragen
Als bezoeker zijn vooral de blauwe borden bij de toegang tot een hal of bouwterrein belangrijk. Staat er een helm, een veiligheidsvest of een veiligheidsschoen op, dan geldt die verplichting ook voor jou. Bedrijven hebben vaak bezoekersmiddelen klaarliggen bij de receptie. Vraag er gerust naar in plaats van zonder bescherming door te lopen, want een medewerker kan je terecht terugsturen.
Rode verbodsborden zijn even duidelijk. Een doorgestreepte telefoon of een doorgestreepte vlam zie je bijvoorbeeld in ruimtes waar met brandbare stoffen wordt gewerkt. Een verbod op toegang voor onbevoegden geldt ook voor gasten: loop alleen mee met je begeleider.
Waarschuwingen op de werkvloer
Eenmaal binnen kom je vooral gele driehoeken tegen. Een uitroepteken staat voor een algemeen gevaar, vaak met een tekstbord eronder dat uitlegt welk gevaar bedoeld is. Een bliksemschicht waarschuwt voor elektrische spanning, een heftruck voor rijdend materieel en een struikelend poppetje voor obstakels of een opstaande rand. Het loont om even stil te staan bij zo’n bord, juist omdat je als bezoeker de routines van het bedrijf niet kent. Wie zich verder wil verdiepen in de gele driehoeken, kan een overzicht van waarschuwingsborden en hun betekenis erbij pakken. Dan valt op hoe specifiek ze kunnen zijn: van knelgevaar bij draaiende rollen tot een warm oppervlak.
Een goede bezoeker kijkt even rond
Net zoals je van tevoren opzoekt met welk bedrijf je te maken hebt, is het slim om bij aankomst een halve minuut rond te kijken. Waar is de dichtstbijzijnde nooduitgang? Waar ligt de verzamelplaats buiten? Zijn er looproutes op de vloer aangegeven? Bij grotere bedrijven krijg je die informatie vaak in een korte bezoekersinstructie, maar ook zonder die uitleg vertellen de borden je het meeste al. Vorm, kleur en symbool zijn bedoeld om zonder woorden te werken, voor iedereen die binnenkomt.